Thuis pagina

contact met Salon Zonneveld

ARIE ZONNEVELD 1905 - 1941

Arie vermeldingen

Catalogus

Van Het Westelijk Front Geen Nieuws

Annie Simonis 1907

Piet Zonneveld 1908

Kees Zonneveld 1912

informatie bronnen :Ontstaan Copyright

the value of a Arie Zonneveld woodcut HISTOTY

-

Salon Zonneveld seizoen 8

-

-

-

-

1938 augustus /september
 
ONS KORTE VERHAAL
 
HET JUBILEUM
 
 

't Is jammer, maar wij hebben op 't dorp met het jubileum van onze Koningin niet veel feest kunnen vieren.
 
O, natuurlijk hebben we de dagen in gepaste vreugde doorgebracht en ook de extra vrije dag was een meevallertje, maar zie je, echt feestvieren, zoals dat bij een Oranje - feest hoort, dat konden we helaas niet.
Daar hadden we geen geld voor.
Dat kwam zoo.
We hadden plannen genoeg gemaakt.
Plannen van jewelste.
Er was een "comité voor luisterrijke viering enz., enz." gevormd, waarvan mijn vriend Joris voorzitter was en dat comité had een overweldigend programma samengesteld.
De Dorpsstraat moest geheel versierd worden met erepoorten aan het begin en het einde.
De kerk en het raadhuis moesten met floodlight (en dat zou voor ons iets heel nieuws zijn ) worden verlicht: er zou muziek gemaakt worden in de versierde muziektent op den Brink en zelfs een zangconcours voor verenigingen uit onze en omliggende gemeenten.
O ja, en nog veel meer: een etalagewedstrijd tusschen den kruidenier, den bakker, den zaadhandelaar en den handelaar in kunstmeststoffen en wie er nog meer wilden mededingen.
Verder nog spelen voor de jeugd.
Vliegerwedstrijd, enz. enz.
Natuurlijk alles om fraaie prijzen.
Maar daar was veel geld voor nodig.
En nu is het niet voor niets, dat ons dorp als een arm dorp bekend staat.
We (dat waren de leden van het ,Comité voor luisterrijke viering, enz., enz." ) we wisten dus wel, dat onze arme inboorlingen zoveel geld nooit bij elkaar konden brengen, maar ieder voor ons zelf hadden we een idee, dat we tegen elkander niet uitspraken maar dat daarop neerkwam, dat er misschien wel iemand zou zijn......
Welgemoed maakten we dus inzamellijsten en togen erop uit om onze brave medeburgers van hun zakcenten te ontlasten.
Ach, het is geen groot dorp waar ik woon, en daar we ieder ongeveer eenzelfde aantal adressen voor onze rekening hadden, was een dag voldoende om alles af te grazen.
En zoo zaten we dus aan het einde van den eersten dag weer bijeen en telden onze vangst.
De burgervader had zijn tientje geofferd, waarop we hem getaxeerd hadden, de gemeentesecretaris en de notaris hun zeven en een halve gulden, maar de dokter was beneden de raming gebleven.
Ja, ons dorp is wel arm, maar de lucht is er erg gezond.
Gelukkig dat de dominee ons ook met een tientje verrast had, hem hadden we maar op vijf gulden getaxeerd evenals de pastoor.
Enfin, van nog een paar notabelen mochten we bedragen ontvangen, die in guldens uitgedrukt konden worden, maar de rest van de dorpelingen hadden het maar met dubbeltjes en kwartjes gedaan.
Vijftig cent, vijf en dertig cent, zeventig cent, enz.
Neen dat telde niet op, zo kwamen we er niet.
En heusch, we hadden onszelf niet gespaard, evenmin als onze beurzen.
Maar we kwamen er niet en zaten elkaar mistroostig aan te kijken, toen we tot deze conclusie kwamen.
Toen zei Joris dat, waarvoor we allen vreesden: ,,En baron Bolder dan. wie is daar eigenlijk geweest?" Streng gleed zijn blik over onze angstige gezichten.
,,Maar dat moest jij toch zelf doen Joris", vond ik, jij als voorzitter van het comité.
,,Neen dank je" zei die ,,of.., ee...nee, dat kan toch niet.
Hij moet juist kunnen zien dat we een heusch comite hebben met medewerkenden.
Dan kan je zeggen, dat je door den voorzitter gestuurd bent.
Kom, wie wil er naar baron Bolder gaan?
Als u baron Bolder kende, zou u wel begrijpen, waarom we allemaal zwegen als sphynxen.
Hij is nog erger dan zijn twee waakhonden.
En toch was hij de man, die ons zou kunnen helpen als hij wilde.
Toen had ik werkelijk een reuze idee.
"Josephientje." zei ik "als jij niks van dien ouden buldog kan loskrijgen, dan kan niemand het.
Iemand, die jou weerstaan kan moet nog geboren worden.
Nu is Josephientje een heel aardig meisje en ze is ook wel een heel klein beetje coquet en ze gelooft het maar al te graag als je haar zoiets zegt.
Natuurlijk waren alle andere comite leden het ditmaal roerend met mij eens en dus zou Josephientje zich den volgenden dag (met haar beste spullen aan) in het hol van den leeuw, in casu naar het kasteel van baron Bolder wagen.
En we konden ervan overtuigd zijn, dat ze er een erezaak van zou maken, zijn steenen hart te vermurwen.
Inderdaad kwam ze den volgenden middag opgetogen naar Joris zijn huis gehold.
"Ik heb hem, ik heb hem." jubelde ze al door het deurraampje heen, "en raad eens hoeveel?" En terwijl ze in één adem trachtte te vertellen van al den tegenstand, die ze in den stuggen man had moeten overwinnen en van al de kunstgrepen, die ze daarbij moest aanwenden zocht ze in haar taschje naar den cheque.
En raad nou eens hoeveel?
Vijfhonderd gulden! bracht ze er triomfantelijk uit, terwijl ze Joris het papiertje overhandigde.
Deze bekeek met stomme verbazing de waardevolle cheque, maar zei toen opeens verblekend: "Maar... e... de handteekening?.
De handtekening," zei Josephientje. "ja, die moet je mij gunnen voor de moeite.
Je weet toch, dat ik handtekeningen verzamel.
Die heb ik er afgeknipt voor mijn album."
En zo kwam het, dat we geen geld genoeg hadden om het blijde feest met passende luister te vieren.
CEZET.

[Thuis pagina]